• Manon

Travel stories - Kreeft op het verkeerde feestje

Heb je het eerste verhaal van de Lissabon-serie gemist? Klik dan hier. Wist je dat, volgens de legendes, Lissabon op 7 heuvels is gebouwd? Nee? Nou ik wel. Mijn appartement ligt bovenop één van die zeven heuvels namelijk. Dus. Ik denk niet dat ik bij terugkomst mijn strakke spijkerbroeken nog aan kan. Niet door alle Pastel de Natas die rechtstreeks van mijn mond, via mijn slokdarm, op mijn bovenbenen worden geplakt, maar door mijn opgepompte kuitspieren van al dat ge-heuvel-op-heuvel-af.


Goed, Lissabon. Allereerst: wat een prachtige stad! Een van de bekendste wijken is Alfama: een wir-war aan straatjes, restaurantjes, schattige oude omaatjes die op de stoeprand zitten te breien en fado-tonen die je oor in glijden en in je hoofd blijven rondzingen. Nadat ik dinsdag op mijn eerste dag vanaf mijn bureau een paar uurtjes had gewerkt, besluit ik om 's middags de stad een beetje te gaan verkennen. Ik laat me door een Uber afdroppen op het hoogste puntje van Alfama en loop vervolgens kriskrassend en bewust verdwalend naar beneden richting de waterkant. Ik eindig op een groot plein met een enorm standbeeld van een vroegere strijder, en kijk om me heen. Het is stil. Waar is iedereen? Ken je dat gevoel dat je naar een feestje gaat bij een oude kennis waarvan je nog nooit eerder in haar huis bent geweest? En dat je dan aanbelt en dat er iemand de deur open doet en dat je dan denkt: oh dit zal haar zus wel zijn die de deur open doet, en je dus vol zelfvertrouwen en kletsend het huis binnen stapt, je jas aan de kapstok hangt, de woonkamer in loopt (de zus verdwaasd in de gang achterlatend) en daar vervolgens één persoon op de bank ziet zitten? En dat je dan om je heen kijkt en denkt: waar is iedereen? En dat je dan vraagt: zit ik hier eigenlijk wel goed? En dat de 'zus' dan zegt: nee ik denk dat je bij de buren moet zijn? Ik ook niet. Maar mijn moeder wel. Waargebeurd! Nou, zo voel ik me dus een beetje als ik door the-place-to-be straten van Lissabon loop. "Zit ik hier wel goed? Moet ik misschien dan toch bij dat andere plein zijn? Waar the *bleep* is everybody?"

Begrijp me niet verkeerd, ik denk al jaren tijdens mijn reizen: hoe zou deze plek zijn zonder toeristen? Maar het is toch wel akelig stil. Het zal vast ook niet helpen dat ik op een willekeurige dinsdagmiddag buiten het toeristische seizoen de stad aan het verkennen ben, maar toch.


Goed, ik kwam hier ook niet om alleen de toerist uit te hangen, maar vooral om het echte portugese leven te beleven. De rest van de week combineer ik 's ochtends een paar uurtjes werken met 's middags rondstruinen door de stad en op donderdag beland ik bij de bekende foodmarket 'Time Out'. Een soort van Rotterdamse foodhal, maar dan iets meer classy. Een verzameling van kleine restaurantjes met de beste chefs van Lissabon. Wanneer ik binnen loop ben ik meteen volledig overweldigt door de binnendringende geuren van knoflook, kroketjes en -wederom- wijn. Het gebouw ziet er van binnen uit als een soort plein, waaromheen allemaal kleine keukentjes gevestigd zijn, en ik besluit om maar gewoon linksom te beginnen en te kijken hoe ver ik kom. Wanneer ik na het derde restaurantje merk dat ik zo vol zit dat ik bijna niet meer van de barkruk afgerold kom geef ik de moed op: ik zal toch een andere keer moeten terugkomen om het rondje af te maken. "Gelukkig" moet ik zo weer 300 meter een stijle heuvel opklimmen om bij mijn appartement te komen, dus ik voel me toch iets minder schuldig over dat stukje chocolade met hazelnoten die ik bij de uitgang nog snel even meegris.


Ondanks dat ik nu op reis ben merk ik toch dat ik stiekem best wel veel behoefte heb aan een korte vakantie. Even rust, even zwemmen, even helemaal niks. Dit weekend wordt het ontzettend lekker weer dus ik boek een klein hotelletje in Costa da Caparica, een klein kuststadje op zo'n 30 minuten rijden van Lissabon. Wát een uitvinding, die Uber. Het enige nadeel: je moet de hele rit een mondkapje op. Het enige voordeel: als de taxichauffeur een scheetje laat dan ruik je het minder erg.


Costa da Caparica, god wat een verademing. Precies waar ik even echt aan toe was. Het is zo'n dorpje waar de wetsuit het hotste mode-item is en je je afvraagt of je de enige bent zonder surfboard onder haar arm. En ook waar je als je in een restaurant zit en je een visje besteld je ter plekke een mannetje de keuken uit ziet rennen richting het strand, met een hengel over zijn schouder. Ik breng het weekend door op het strand, in het zwembad en op mijn hotelkamer met een goed boek, en voel me als herboren. Herboren als een kreeft dan, want ik heb de zon toch een beetje onderschat. Maar goed, alles om te voorkomen dat ik dadelijk met een retebruin voorhoofd maar een spierwitte kaaklijn terugkom i.v.m. de mondkapjes. En wanneer ik zondagmiddag terugkom in Lissabon blijkt dat ik toch op het goede feestje was, ik was alleen te vroeg. Overal is het gezellig druk, niet te veel toeristen, maar ook niet te weinig, en de stad is prachtig en gezellig in dit najaarszonnetje. Van puur geluk besluit ik de dag af te sluiten met een boottochtje over de Taag bij zonsondergang, en krijg er als kado nog een knappe stuurman bij die me ter plekke een zeilen-voor-beginners-cursus geeft en ondertussen een glaasje wijn inschenkt. That's more like it.





SHARE YOUR STORY

Heb je vragen, opmerkingen of wil je jouw eigen verhaal delen?

  • Polarsteps
  • Instagram
  • Facebook

©2020 door Happy Society